CURAÇAO – Spraakmakend nieuws, een knallend evenement of sportief hoogstandje, soms wil je als lezer zelf in de pen klimmen. Ingezonden brieven zijn bij Versgeperst.com welkom. Felix Pinedo schrijft over de benoeming van de Raad van Commissarissen van de Centrale Bank van Curaçao en Sint Maarten.

Curaçao en Sint Maarten dienen hun verantwoordelijkheid op zich te nemen

De minister van financiën, George Jamaloodin, zei gisteravond 2 april 2012 voor de televisie dat hij niet begrijpt dat de president van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en Bonaire, Sint Eustatius en Saba een (tijdelijk) lid voor de Raad van Commissarissen van de Centrale Bank van Curaçao en Sint Maarten (CBCS) uit eigen kring heeft benoemd. De minister stelde verder dat dit geschiedde ondanks een lijst met dertien voordrachten voorgelegd werd aan de president van het Hof. Hij heeft echter nagelaten artikel 25 lid 9 van de Statuten van de CBCS aan te halen.

Een korte analyse van de Statuten van de CBCS mijnerzijds laat zien dat artikel 25 lid 9 van de Statuten van de CBCS stelt: ‘indien de ministers nalaten een voordracht te doen, of de Landen nalaten binnen drie maanden na de voordracht een lid te benoemen, zal de president van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba uit die voordracht, tijdelijk een lid benoemen. Deze fungeert als zodanig totdat de benoeming door de Landen totstand komt.’

Dus de president van het Hof kan pas dan optreden indien er geen voordracht is zijdens de ministers (er is echter hierbij geen periode vastgelegd, wanneer de president van het Hof kan optreden) of nadat er wel een voordracht was maar de landen Curaçao en Sint Maarten hebben binnen drie maanden nagelaten een lid te benoemen.

Ik neem aan dat de president van het Hof op eigen initiatief ambtshalve kan ingrijpen daar er nergens in de Statuten staat vermeld dat hij/zij tot benoeming overgaat op verzoek van wie dan ook. Indien er voordrachten zijn dient de president van het Hof uit die voordrachten tijdelijk een lid te benoemen. Het kan volgens mij ook om meerdere leden gaan. Indien zoals de minister heeft beweerd er een lijst was met dertien voordrachten, dan had de president van het Hof geen andere keuze dan, zoals de Statuten voorschrijven, uit die voordrachten een keuze te doen. ‘I need some enlightenment here’. Of voldoen alle dertien voorgedragen personen niet aan de gestelde eisen en voorwaarden onder artikel 30 van de Statuten van de CBCS?

Verder wil ik stellen dat men niet hoeft over te gaan tot langdurige polemieken over bovenvermelde benoeming. Hiervoor in de plaats dienen de twee landen zo snel mogelijk de verantwoordelijkheid op zich te nemen en overgaan tot benoeming van het zevende lid van de Raad van Commissarissen, waardoor de tijdelijke benoeming meteen ophoudt te bestaan.

2 reacties op “Ingezonden: Benoeming RvC CBCS”

  1. Leg dit ook maar uit aan de PSC studenten die ook een eigen voordracht mochten nemen en zowiezo voor de naam PSC waren.. en dictoriaal is een andere naam gekozen die door niemand anders was voorgedragen!

  2. Beste Felix Pinedo, het land Sint Maarten zal toch niemand van de lijst benoemen indien hierdoor de positie van Tromp in gevaar komt. Niet zo naief, man. De Hof president heeft zeer kordaat opgetreden door iemand te benoemen, die kennis van zaken heeft van de CBCS en daardoor de continuiteit garandeert van dit zeer belangrijke instituut. Het is toch inmiddels voor iedereen duidlijk dat de huidige regering een marjonettenregering is van enkele geldschieters. Je komt er zelf ook beter van af op de long term dat de Hof president zo gehandeld heeft.