CURAÇAO – De zitting van het hoger beroep tussen SMOC en de overheid heeft vanochtend plaatsgevonden. In het pleidooi van advocaat Sandra in ‘t Veld van de stichting, zegt zij dat er ‘geen belang meer te beschermen is en Isla en de minister dienen beide niet-ontvankelijk te worden verklaard in hun beroep’.

De stichting won de zaak tegen de overheid op 1 september, waarop de rechter besloot dat de raffinaderij haar vergunning moet handhaven en de overheid als verantwoordelijke daarop moet toezien. In de vergunning is onder andere vastgesteld hoeveel giftige stoffen de Isla mag uitstoten.De raffinaderij stelt echter dat als zij de vergunning zouden handhaven, zij flink verlies zullen draaien.

Onderzoek
De overheid besloot eerst om uitstel te vragen, om de rapporten die naar voren zijn gekomen tijdens de zaak, uitvoerig te kunnen bestuderen. Vervolgens tekende de overheid een hoger beroep aan. In ‘t Veld noemt dit verzoek in haar pleidooi ‘niet steekhoudend en beschamend’. “Er zijn weinig zaken waarin zoveel tijd en zoveel geld in onderzoek is gestoken. De overheid, Isla en het Gerecht hebben de afgelopen jaren rapporten laten maken. Verder onderzoek is helemaal niet nodig.”

Incidenten
De advocaat haalt verder verschillende voorbeelden aan van wanneer de Isla veel overlast heeft bezorgd voor bevolking. Zoals 18 november 2004, toen een brand zorgde voor zwarte wolken en zwavel- en oliegeur. Er worden ook verschillende catcracker incidenten genoemd, namelijk in 2004, 2009 en 2011 toen er catcrackerpoeder werd verspreid over wijken in de buurt van de raffinaderij. Bij één voorbeeld op 14 december 2011, toen tientallen schoolkinderen zo ziek werden van de lucht en 3000 kinderen en docenten naar huis werden gestuurd, qoute de advocaat Isla-woordvoerder Kenneth Gijsbertha uit een artikel van Versgeperst.com.

Dwangsom
Tijdens de rechtspraak op 1 september, heeft de rechter bepaald dat als de vergunning van de Isla binnen vier weken niet gehandhaafd wordt, de overheid een dwangsom van 500.000 gulden moet betalen aan de stichting. De dwangsom geldt voor elke week of gedeelte van een week dat de overtreding plaatsvindt en loopt op tot maximaal 50 miljoen gulden. De uitspraak van de zitting van het hoger beroep van vandaag volgt over acht weken.

www.versgeperst.com