• Facebook

  • Twitter

  • Left_Skyscraper_160x600

  • Validator w3.org

  • Large Skyscraper 01

  • Large Skyscraper 02

raar is zo gek nog niet coverCURAÇAO – Schrijfster Esther Kant woonde tien jaar op het eiland en werkte als kleuterjuf. Haar beide kinderen werden hier geboren. Haar oudste zoon Joris, over wie ze veelvuldig schrijft, bleek ‘bijzonder’ te zijn. Het  inspireerde haar om erover te schrijven. Haar vierde boek ‘Raar is zo gek nog niet’ is vanaf vandaag verkrijgbaar. 

De auteur begint bij de vroegste voorgeschiedenis die uiteindelijk tot het boek leidde. “Ongeveer twintig jaar geleden woonden we met regels en regen. Mijn toenmalige man werkte als arts in Rotterdam en vond hier een baan. Toen zijn we hier gekomen en vanaf dag 1 was ik gelijk verliefd. Het voelde als een los leven dat heel onbezorgd leek”, leidt Kant in. Na tien jaar kwam er een einde aan de periode op Curaçao. Joris kon geen adequaat onderwijs krijgen en het gezin vertrok naar Nederland. Een gedwongen vertrek dus. De intensiteit van de zorg voor Joris trok ook een grote wissel op haar huwelijk, dat uiteindelijk op de klippen liep.

Het verhaal
Het idee voor haar nieuwste boek ontstond op Curaçao. Een doodgewoon bezoekje aan Seaquarium deed bij Kant een licht opgaan. Onbewust legde ze een link met haar eigen situatie. “Wij kwamen twee jaar geleden bij Seaquarium. Daar had je een schildpad, flamingo, pelikaan en een rog. Die schildpad had een doek op zijn rug. De bewaker vertelde dat hij een gat in zijn schild had en dat hij daarom een doek droeg, die steeds natgehouden moest worden. Het beestje kwam van Bonaire, waar hij in vissersnetten verstrikt was geraakt. Toen hebben ze een van zijn pootjes afgesneden en gedacht: hij redt het wel. Gelukkig hebben ze er geen soep van gemaakt. Uiteindelijk is hij aangespoeld op het strand en door cruisetoeristen opgepikt. Uiteindelijk hebben ze het bubbelbad op het schip leeg laten lopen en er zout water ingedaan. Mijn hoofd als schrijfster sloeg op hol. Ik zag dat beest al zitten met een arm op de rand en een cocktailtje in de hand, kijkend naar zijn pootje en denkend: het leven is zo raar nog niet. Dus ze hadden een bak met gehandicapte dieren – ze hadden allemaal wat – en dolfijntherapie, maar niemand die er ooit een boek over geschreven had.”

Schildpad
“Er gebeurde een hoop in mijn leven waardoor het boek een tijd bleef liggen. Uiteindelijk ben ik het toch gaan schrijven – ik zocht natuurlijk ook een goede reden om terug te komen op het eiland – met de schildpad als een metafoor voor alle mensen en kinderen die ‘raar’ zijn of iets hebben. Vandaar ook de titel: Raar is zo gek nog niet. Uiteindelijk denkt die schildpad ook: ik mis wel een pootje, maar het leven is zo gek nog niet. De rest van het verhaal heb ik zelf verzonnen. Het boek is in conciliatie genomen door Seaquarium. Het is geen boek geworden dat in samenwerking met Seaquarium gemaakt is, al zal het elke bezoeker wel bekend voorkomen. Verder zitten er grapjes in verstopt die je er meteen uithaalt als je hier gewoond hebt. De tekening van de Handelskade heeft bijvoorbeeld een Hema, want die mist iedereen hier. Indirect is het boek een eerbetoon aan Curaçao.”

‘Anders’
De schildpad staat dus symbool voor iedereen die iets mankeert. Kant kan erover meepraten. Na de geboorte van Joris (inmiddels zestien) werd hij niet direct als ‘anders’ gekenmerkt. “Toen hij twee was, kreeg ik in de gaten dat er iets was. Ik ben een beetje allergisch voor ‘het doen zoals het moet’, hier viel het minder op omdat er minder verwacht wordt. Totdat ze op het consultatiebureau zeiden: er komt iemand uit Nederland, zij is gespecialiseerd in autisme. Als je deze lijst in wilt vullen, dan ‘scoren’ we hem. Als hij slecht genoeg is dan bekijkt ze hem even. Lachend: “Ik heb het bewust slecht ingevuld, dan kon er iemand met een frisse blik naar kijken. Zij liet hem puzzeltjes doen met verschillende vormpjes (rondje, vierkantje, sterretje, enzovoorts) die in het goede vakje moesten. Hij deed het expres verkeerd terwijl hij haar aankeek. Hij hield bijvoorbeeld het sterretje steeds boven het verkeerde gaatje. Autistisch was hij niet, want hij zat haar te manipuleren en maakte contact.”
En dat kunnen autisten niet goed, maar er was dus wel iets. Wat precies? “Hij is niet te googlen, er is geen naam voor. Ik hou het erop dat hij een verstandelijke beperking heeft met een laag IQ, maar dan doe ik hem tekort. Voor mij was zo’n ‘Libellekreet’ als ADHD of autisme handig geweest, want nu vragen mensen door. Maar eigenlijk hou ik niet van labels.”

Zichzelf
Veel autisten hebben een briljant trekje, denk bijvoorbeeld aan de film Rain Man met Dustin Hoffman in de hoofdrol. “Zijn gave is vooral om bij mij in de buurt te blijven, is-ie goed in”, lacht ze. Dan, serieus: “En ik moet zeggen dat hij rete-zichzelf is. Dat vind ik bewonderenswaardig in deze maatschappij. Hij kan het niet altijd uiten in woorden, maar zijn acties spreken voor zich.”

Ongeschreven regels
Het blijft ergens vaag. Een ding dat vaststaat: Joris schopt de regel in de war. Een ongeschreven regel is: kinderen spelen met kinderen, volwassenen gaan met volwassenen om. Joris niet. “Als kind al hing hij aan de leiding op school, contact met leeftijdsgenoten zei hem niks. Dat is nog steeds zo. Als zijn leraren daar nu mee komen, zeg ik: zo is hij altijd geweest, waarom zou hij veranderen? Geniet ervan hoe leuk het contact met jou is.

Mensenkennis
Verder heeft hij een goede mensenkennis. “Vroeger op een verjaardag stuurde ik eerst Joris naar binnen, dan wist ik meteen precies met wie ik wel en niet moest praten. Nu is dat overigens minder, hoor. Hij draait mee in deze maatschappij en, anders of niet, hij is ondertussen wel zestien en de hormonen gieren door zijn lijf. Al kan hij nog steeds ineens tegen een meisje van de Albert Heijn zeggen: ik vind jou zo lief. En dat zegt hij omdat hij het meent. Veel mensen vinden dan dat ik hem moet beschermen tegen de wereld. Ik denk andersom en denk: laat hem brengen wat hij kan. Natuurlijk moet hij ook functioneren in de samenleving. Maar laat hem dat dan wel doen als zichzelf, hij heeft het moeilijk genoeg.”

Boeren
Een ander opvallend kenmerk van haar zoon zijn periodieke tics die aardig beslag kunnen leggen op de omgeving. Kant geeft een voorbeeld. “Hij heeft het alfabet leren boeren. Dan blijft hij daar heel erg in hangen en koppelt dat aan mensen. Dus nu boert-ie de hele dag. Overal, en of dat dan kan of niet… Tsja. Het begint als een grapje maar bij hem wordt het een ‘ding’. Ik moet dan regels stellen.”
Op Joris’ school weten ze er wel raad mee. De juffen herinneren hem er gedurende de dag dat hij niet mag boeren. “En dan doen we als de school uitgaat een wedstrijdje wie de hardste kan laten, zeggen ze dan tegen hem. Vlak voor de vakantie stond in de gang het halve team in de Joris al boerend gedag te zeggen.”

Rare geluiden
Dergelijke gedragingen kunnen ook irritatie opwekken. “Hij had een periode dat hij rare geluiden maakte”, zegt Kant terwijl ze haar zoon imiteert. “Ik kon hem wel slaan. Ik ben met hem naar de huisarts gegaan die hem haldol meegaf. Dat wordt bij psychiatrische patiënten veel gebruikt om alles wat je voelt en denkt de kop in te drukken. Toen dacht ik later: waarom ga ik hem zo’n zwaar medicijn geven, omdat hij een geluidje maakt waar ik gek van wordt? Dat klopt niet, zeker als je bedenkt dat het een tic is die weer overgaat. Uiteindelijk heb ik hem zelf dat flesje leeg laten spuiten in de wc, en gezegd: dan moet je ook minder geluiden maken. Toen werd het uiteindelijk iets minder, misschien ook wel omdat ik het zelf meer geaccepteerd had.”

Buitenwereld
Acceptatie begint bij jezelf, de buitenwereld heeft daar langer voor nodig. Temeer omdat die omgeving steeds verandert. Kant: “Oordelende blikken, zo van: voed hem eens op. Je wordt er erg op aangekeken als je kind zich niet gedraagt.” Dat is confronterend, geeft ze toe. Schrijven werkt dan verhelderend voor haarzelf, en verbindend met anderen. “Naar aanleiding van een blog dacht ik op een gegeven moment: moeten we niet een beweging beginnen? Gewoon om mensen uit te leggen wat het betekent als je die oordelende blikken voelt? Hoe ga je ermee om? Ik kan ruzie met ze gaan maken, maar beter is het om ze uit te leggen wat het is.”

Eerlijkheid
Ze schrijft over haar onalledaagse beslommeringen met haar kinderen op haar website. “Eén grote therapie”, zegt ze zelf. “Het heeft me honderden euro’s aan psychologen en therapie bespaard. Ik schreef altijd al. Het was mijn droom om later een boek te schrijven. Toen de moeilijkheden met Joris begonnen, pakte ik het weer op. Als uitlaatklep ja, maar vooral omdat ik zelf erg zocht naar eerlijkheid. Veel mensen delen dat niet omdat ze zich niet kwetsbaar op kunnen stellen.”
“Eenmaal in Nederland las ik een boek van een ouder met een ‘bijzonder’ kind. Zij was ook eerlijk, gewoon dat ze het af en toe zat was. Van die mensen die roepen dat het zoveel brengt om een ‘bijzonder’ kind te hebben. Dat is wel waar, maar ik stond niet vooraan in de rij van: ja hoor, doe mij er maar een. Het is geen vrijwillige keuze. Ik nam contact op met haar en het hielp enorm omdat we zoveel dingen herkenden en eerlijk konden zijn. Uiteindelijk hebben we al onze mails gebundeld en die zijn toen uitgegeven.

Schrijfvirus
Mijn droom was dus vervuld, maar het schrijfvirus had me te pakken. Het volgende boek was Eerste Hulp Bij Scheiden, gevolgd door een boek over de dood. Of dat nou gaat over een hamster of over een oma of opa, ik vond dat er geen leuke boekenvoor kinderen waren. Dus deed ik dat, met een beetje humor erin. Het zijn vrolijke boeken met zware thema’s, maar die worden door de humor heel bespreekbaar. Er zit lol en eerlijkheid in. Kinderen zoeken ook naar antwoorden op vragen en vaak hoeft het antwoord niet zo ingewikkeld te zijn. Kinderen maken in hun hoofd de waarheid altijd erger dan dat het is, daar ben ik van overtuigd. Dus vertel ze de waarheid ‘in het klein’, dat is beter dan niks zeggen.”

Pijnlijk
Kants eerlijkheid kan ook pijnlijk worden. “In een verhaal staat Joris bovenaan de trap. Ik sta naast hem en denk: als ik hem nou een zetje geef, dan flikkert hij naar beneden en ben ik van de zorgen af. Inmiddels kan ik het vertellen zonder erbij te huilen, maar in het begin schaamde ik me zo dat ik dat dacht en dat voelde. Niet dat ik het meen, maar deze gedachte hebben zelfs ouders met ‘normale’ kinderen weleens. Als iedereen nu toe zou geven dat ze hun kind soms echt even zat zijn, is het ook makkelijker om daarmee om te gaan.” Moeten voldoen aan het ideaalbeeld van de perfecte ouder maakt wanhopiger dan het moeilijke kind, wil ze maar zeggen.

Mythe
Het ouderschap wordt sowieso sterk bewierookt. Kant kijkt er nuchter tegenaan. “Ik heb nooit op een roze wolk gezeten. Maar daar donder je toch echt hard vanaf als je niet beter weet. Vooral vrouwen onder elkaar zijn soms erg, die zeggen niet dat ze een halve nacht niet slapen of hun halve leven kwijt zijn. Baby’s zijn schattig en leuk, maar óók niet leuk. Let maar eens op bij al die verhalen over zwanger zijn: eenmaal bij de bevalling houdt het verhaal op. Dan is de baby geboren, ben je alle pijn vergeten en o wat hou ik van je. Écht niet. Natuurlijk hield ik van hem, maar ik dacht ook: ik ben kapot. Het een sluit het ander niet uit, maar wees erop voorbereid dat iedereen een soort mythe in stand houdt. Ik wil de mythe van het moederschap nog weleens doorprikken in een boek. Dat is mijn volgende project. ”

 

3 reacties op “‘Ik hou niet van ‘Libellekreten’ als ADHD of autisme’”

  1. Tja herkenbaar. Ook wij kwamen er op curacao achter en ook onze zoon kreeg een observatie van een vooraanstaand persoon die uit NL overkwam. Diagnose werd gesteld, een zucht van verlichting. Nu kunnen we wat. Terug in NL kwamen we erachter dat de maatschappij veel harder is dan Cur. Speciaal onderwijs, daar heb ik lang over getwijfeld, weet nu nog steeds niet of dit een goede zet was. Grappig dat autisten onderling hun handicap prima weten te accepteren.
    Veel heimwee naar de tijd van Cur. Wat een rust was het daar, zeker voor de kids.

  2. @Maxime; Het boek is geschikt voor kinderen vanaf 6 jaar, dus als iemand het hem kan voorlezen, heeft hij er misschien nog wat aan?

  3. Ik las in het AD dat Jamaloodin autistisch is.

    Daar kun je dan blijkbaar bij de MFK toch minister van financien mee worden.